Degenen die de historische Jezus ontkennen worden, zegt Vollbehr, bestempeld als “getraumatiseerde mensen die hun ongeloof overeind trachten te houden”. Toen ik dit las stond ik perplex. Dit is tot op de millimeter nauwkeurig wat ik heb meegemaakt! Toen een eerste versie van mijn boek op verzoek van een potentiële uitgever werd beoordeeld door de hoogleraar aan de VU, Bert Lietaert Peerbolte (één van zijn nevenwerkzaamheden is bij de EO) ging hij er met gestrekt been in. De geleerde besloot zijn antwoord aan de uitgever als volgt: “Het lijkt er op alsof het hier een typoscript betreft van een theoloog die door middel van dit werk een persoonlijke theologische crisis heeft willen verwerken. Het schrijven van dit werk kan dus therapeutische waarde gehad hebben. Maar het lijkt me niet verantwoord het door middel van publicatie beschikbaar te stellen voor de ogen van anderen. Helaas is dit de ongemakkelijke waarheid over dit typoscript.”
De ongemakkelijke waarheid voor Lietaert Peerbolte is dat hij door de mand valt als een wetenschapper die er niet tegen kan als zijn fundament wordt aangetast. De basis van zijn theologie is immers een historische Jezus. stel je voor! Komt er een of andere predikant, niet OSM (ons soort mensen), die doodleuk stelt – en onderbouwt – dat de historische Jezus berust op een aanname. Daar gaat je hele werk! Roemloos de prullenmand in. Alsof je je levenswerk hebt gebaseerd op de opvatting dat de aarde plat is, en hij blijkt ineens rond. In een vlucht naar voren zegt onze wetenschappelijke vriend dat de ander gek is, maar het lijkt er op dat hij hier zelf tegen een trauma oploopt. En het is zo simpel: toon gewoon aan waar mijn boek fundamenteel de mist ingaat. Dan zal ik mijn misser(s) erkennen. Immers ik vind het helemaal geen probleem als er toch een Jezus van Nazareth zou hebben bestaan. Dat een historische Jezus afbreuk doet aan de mythische godenzoon moeten we dan maar accepteren. Het is Lietaert Peerbolte niet gelukt, hij heeft het wel geprobeerd in een theologisch tijdschrift. In eerdere blogs heb ik zijn artikel minutieus geanalyseerd en vastgesteld dat waar het om de kern gaat hij stilvalt. Hij gebruikt opvallende veel tekst om mij aan te vallen op onbeduidende punten, bijvoorbeeld dat ik Bart Ehrman, Barth Ehrmann noem. En dat ik een bron die al weerlegd is gebruik. Dat zou kunnen, mijn werk is ongetwijfeld niet perfect, er is genoeg op aan te merken. Maar als je alle ruimte hebt om de wezenlijke zaken aan te pakken en dat niet doet, dan wek je de indruk dat je daar niet toe in staat bent. Nog verder glijd je af als je gaat schelden en de ander krankjorum noemt. Daarmee maak je geen wetenschappelijke indruk.
Ik ga verder met Vollbehr, hij schrijft: De meeste ongelovigen maakt het geen bal uit of er ergens een profeet heeft rondgelopen. Een klein deel heeft zich een andere mening gevormd en wil deze delen met anderen. Omdat ze er achter zijn gekomen dat het door ouders, apologeten en media ingeprente beeld niet deugt . Echter nu iets anders. Hoe zit het met een deel van de Jezus fans die over internet struinen om hun idool te beschermen. Valt hier iets over te zeggen? Waarom zijn ze zo fanatiek om de advocaat uit te hangen voor een mythe. Zou er nog een onderliggende reden kunnen zijn? Laat ik er een facet tussen uithalen namelijk geloofsbelijdenis. Hierin gaat men een soort huwelijksverbond aan met god. Voor christenen is dit de drie-enige god. Een onderdeel van deze drie-eenheid is de zoon. Jezus is het aanspreekpunt, de middelaar van deze god. Dit baseert men op de volgende uitspraak uit het nieuwe testament: “Niemand komt tot de vader dan door mij” . Veel christenen nemen dit letterlijk en maken Jezus tot het slotstuk van hun gebeden en betogen. Jezus wast hun zonden schoon. Deze gevoelswereld neemt de discussie partner mee en als een leeuw verdedigt deze de hypothetische positie van Jezus. De historiciteit mag niet ter discussie staan. Voor een niet ingewijde is de schoon wassing een vreemde en surrealistische gedachte. Ook voor vele gelovigen maar die hebben er mee leren leven. Degene die met een belijdend gelovige discussieert ziet slechts een discussiepartner die zichzelf ingraaft en een romanpersoon tot het oneindige bijstaat. Dit is in het kort de uitgangssituatie van sommige forumdeelnemers die te pas en vaak te onpas opduiken als het J-woord valt.
Kort samengevat voor de heidenen is het een literaire creatie van een paar duizend jaar geleden. Voor een ander deel is het realiteit waar ze mee praten en die er zelfs voor zorgt dat ze ’s-nachts goed slapen
Oeioei, ‘het heeft slechts therapeutische waarde gehad voor de schrijver’. Wat een arrogantie
Oesh
D’ouwe
LikeLike